Het fokken van een veulen



Tijdtabel - de fokcyclus


In het Fokkerijnummer 2014 van De Hoefslag stond een illustratieve tijdlijn, die we deels hebben overgenomen en ook aangevuld. Dit geeft de normale gang van zaken weer.

Maar het gaat niet altijd normaal. Daarom staan onder deze tabel nog twee artikelen, waarin dieper op de materie wordt ingegaan:

- Rond de geboorte van het veulen (auteurs: Ilse Rombaut en Michel Hoegaerts)
- De geboorte van een veulen (auteur Astrid Bos)



beeld periode beschrijving

bevruchting

BEVRUCHTING: De meeste merries worden in de maanden maart tot en met juli gedekt. Het officiële dekseizoen voor dravers loopt van 15 februari tot en met 31 juli. Gemiddeld is een merrie elke drie weken rond de vijf dagen hengstig. De eisprong vindt zo'n 24 uur voor het einde van de hengstigheid plaats. De kunst is om de merrie zo dicht mogelijk bij de eisprong te laten insemineren of dekken. Om dit tijdstip zo nauwkeurig mogelijk te bepalen, begeleidt de dierenarts een merrie tijdens de hengstigheid rectaal en echografisch. Na de bevruchting via inseminatie met vers of dieprviessperma of natuurlijke dekking, wordt de merrie gecontroleerd met de echo om te bekijken of de eisprong heeft plaatsgevonden en of de baarmoeder mooi schoon is. Het is belangrijk voor het vruchtje dat het in een schone omgeving terecht komt en goed kan groeien. Daarna wordt de merrie rond de achttiende dag gescand om te zien of ze drachtig is. Als dat inderdaad het geval is, wordt zij rond de dertigste dag weer gecontroleerd. Het vruchtje is dan al ongeveer een centimeter groot en ook de hartslag is duidelijk zichtbaar. De derde echo vindt meestal plaats rond de derde maand van de dracht of tegen het einde van het seizoen.

drachtig-
heid

DRACHTIGHEID: Het maakt niet uit of er nu een veulen bij de drachtige merrie loopt of niet, de merrie moet zoveel en lang mogelijk buiten lopen met altijd voldoende te eten en te drinken. In de winter moet er altijd voldoende hooi of kuilgras aanwezig zijn. Veel beweging en schone lucht (geen ammoniak in de box) zijn van belang voor moeder en embryo.

nog
6 mnd
te gaan

VACClNEREN: Merrie en het veulen beschermen tegen een aantal ziekteverwekkers hoort erbij. Het is raadzaam de drachtige merrie te vaccineren tegen rhinopneumonie in de vijfde, zevende en negende maand van de dracht. Daarnaast is het in de tiende maand nodig om de merrie tegen influenza en tetanus in te enten. Daarmee bouwt ze antidtoffen op die het veulen via de moedermelk zullen beschermen.

nog
2 mnd

VOER VERANDEREN: Tijdens de eerste acht maanden van de dracht is het niet nodig om het rantsoen van de merrie aan te passen. Overgewicht van de merrie wordt juist geassocieerd met de geboorte van een zwak en kleiner veulen. Het veulen ondergaat in de laatste drie maanden een ware groeispurt. In deze periode neemt de voedingsbehoefte van de merrie met tien tot twintig procent toe. Men kan speciale merriebrokken gaan voeren.

nog
1 mnd

UIER-ONTWIKKELING: Vanaf een maand voor het veulenen zwelt de uier van de merrie op. Dat is een teken dat het lichaarn zich opmaakt voor de melkproductie. Vaak neemt de zwelling in de loop van de dag weer iets af. De laatste twee weken blijft de uier gevuld.

nog
3 weken

DE GEBOORTE NADERT, WAT HEB JE NODIG: Allereerst is een grote stal met royaal opgestrooide bodem waar de merrie in kan veulenen van zeer groot belang. Ongeveer vier tot zes weken voor de veulendatum moet de merrie zich bevinden in de omgeving waar ze zal gaan veulenen in verband met de opbouw van de juiste antistoffen. Zorg voor licht en rust, zowel in de stal als daarbuiten. Zorg ook voor het telefoonnummer van de dierenarts, water, emmers, handdoeken en een staartbandage.

nog
2 weken

GEBOORTEALARM INSTELLEN: Als de fokker beschikt over een geboorte-alarm-apparaat, is het nu tijd om deze te installen. Zo kan er tijdig hulp geboden worden bij de geboorte of de dierenarts worden ingeschakeld bij complicaties. Zonder geboorte-alarm moet men extra goed opletten. De merrie kan overdag buiten lopen en 's nachts binnen staan. Regelmatig controleren.

nog
1 week

BEKKENBANDEN VERSLAPPEN: Een van de signalen van de voorberelding op de geboorte is het verslappen van de bekkenbanden. Dit is te herkennen aan de verandering van de vorm van de achterhand van de merrie. De billen zijn niet meer rond van boven, maar va!len een beetje in naast de staart.

nog
48 uur

KEGELEN: Als er harsachtige kegeltjes aan de uier hangen, gaat het niet lang meer duren. Het zijn druppeltjes biest, oftewel de eerste moedermelk. Biest is van groot belang voor de gezondheid van het veulen. Als de merrie ruim voor de geboorte begint te kegelen, kan er teveel kostbare biest verloren gaan. Daarom kan het verstandig zijn om dit op te vangen en in te vriezen.

nog enkele
uren

BEGIN VAN HET VEULENEN: Het veulenen begint met het draaien van het veulen in de baarmoeder van de rug- naar de buikligging. Hierdoor wordt de merrie onrustig, ze kijkt naar haar buik,houdt de staart af, maakt kleine beetjes mest en gaat steeds liggen en staan.

de
geboorte

GEBOORTE: De geboorte duurt zo'n 20 minuten. Aan het einde van de ontsluitingsfase scheurt het vruchtvlies en start de uitdrijvingsfase. De baarmoedermond is nu volledig ontsloten en het veulen passeert het geboortekanaal door de weeën. Vaak komen de voorbeentjes en het hoofd het eerst. Zit het vruchtvlies nog om de neus van het veulen, verwijder dit dan om verstikking te voorkomen.

meteen
na de
geboorte

NA DE GEBOORTE: Als de merrie na ongeveer 20 minuten opstaat, breekt de navelstreng. Deze mag niet worden doorgeknipt! Meestal wordt de nageboorte binnen een uur uitgedreven. Duurt dit langer, schakel dan een dierenarts in. Controleer of de nageboorte compleet is.
Het veulen hoort binnen twee uur te staan en biest te drinken. Na twee uur moet de eerste ontlasting (darmpek) van het veulen komen, en binnen negen uur de eerste urine.

de
eerste
dagen

DE EERSTE DAGEN: Een gezond veulen drinkt minimaal een paar keer per uur bij de merrie, afgewisseld met slaapfases. De normale temperatuur van het veulen ligt tussen de 38,0 en 39,0 °C. De navelstomp van het veulen moet vanaf direct na de geboorte twee tot drie dagen lang dagelijks gedesinfecteerd worden, totdat hij mooi ingedroogd is.

na 1 week
of
1 maand

NIEUWE DEKKING: Een merrie wordt ca. 8 dagen na de geboorte weer hengstig, de zogenaamde veulen-hengstigheid. Meestal slaat men deze over, maar bij een laat veulen kan men besluiten om de merrie meteen te laten dekken om zo met het volgende veulen een maand naar voren te schuiven. Als men de veulenhengstigheid overslaat, kan de merrie weer gedekt worden als het veulen ongeveer 1 maand oud is (ruim vier weken oud).

eerste
halfjaar

OPFOK: Zodra het weer het toelaat is het aan te raden om moeder en kind overdag buiten in het gras te laten lopen. In de eerste week 's nachts naar binnen en de moeder bijvoeren. Het veulen al snel een halster omdoen en aan de hand meenemen. De ideale geboortemaanden zijn april/mei, zodat het veulen al snel dag en nacht kan buitenlopen en er voldoende nieuw gras aanwezig is voor de moeder(melk).




Rond de geboorte van het veulen.....

met goedkeuring overgenomen uit het Belgische blad Trotting magazine van maart 2013

auteurs:
Ilse Rombaut - DAP Rombaut
Michel Hoegaerts - EquiSound


Laatste maanden van de dracht
Merries dragen gemiddeld 11 maanden, met een variatie van 320 tot 360 dagen. De laatste 3 maanden van de dracht hebben ze meer energie en vitamines nodig. Het veulen groeit dan enorm: 60% van de groei gebeurt in de laatste 3 maanden. Tijdens deze periode is het aangeraden om merriebrok bij te geven. Vier tot zes weken voor het veulenen wordt de merrie best gevaccineerd tegen griep en tetanus en wordt ze naar de veulenstal verhuisd zodat de merrie antistoffen kan aanmaken tegen ziektekiemen die daar voorkomen. Rhinopneumonie bij paarden wordt veroorzaakt door het equine herpesvirus en kan bij besmetting van een drachtige merrie resulteren in abortus, vroeggeboorte of geboorte van zwakke veulens. De kans op infectie kan je verminderen door te vaccineren op 5, 7 en 9 maand van de dracht, door de jonge paarden van de drachtige merries te scheiden en door contact met vreemde paarden en een vreemde omgeving te vermijden. Deze maatregelen verminderen de infectiedruk voor de merrie. Helaas bieden ze geen 100% bescherming. Eén week voor het veulenen moet de merrie ontwormd worden, want rond de geboorte stijgt de uitscheiding van wormeieren door hormonale veranderingen. Er is meer en meer resistentie tegen de actieve stof ivermectine, dus geeft men rond het veulenen best een wormspuit met de actieve stof moxidectine. Deze stof is ook langer werkzaam. Vergeet niet een week voor het veulenen de vulva van de merrie open te laten knippen door uw dierenarts indien ze dichtgenaaid werd! Anders scheurt ze zichzelf open bij het veulenen wat kan leiden tot ernstige letsels. De geboorte 95% van de geboortes bij paarden verlopen vlot. Toch doet men de merrie best een geboorte-alarm aan zodat de geboorte niet gemist wordt. In de overige 5% van de gevallen is vlug ingrijpen levensnoodzakelijk en vaak levensreddend voor merrie en/of veulen. Tijdens de volledige dracht ligt het veulen op zijn rug. Slechts enkel uren voor de geboorte, wanneer de weeën beginnen, draait het veulen zich zodat beide voorbeentjes voor de baarmoedermond komen te liggen en het veulen de hals strekt. Wanneer deze voorbereiding misloopt (slechts 1 beentje gestrekt, hals naar zijdelings gedraaid...), heeft de merrie hulp nodig bij de bevalling. Want als de merrie gestart is met persen moet het veulen er vlot uit kunnen komen.

Gezondheid
Het vlies rond het veulen scheurt normaal gezien spontaan bij de geboorte. Maak de neus van het veulen vrij van vliezen indien dit al niet zou gebeurd zijn. Anders loopt het veulen gevaar op verstikking. Raak de de navelstreng niet aan, snij of bindt hem niet af. Die breekt vanzelf af op de juiste plek. De navel ontsmetten gebeurt best de eerste dagen na de geboorte meerdere keren per dag met zachte 0.5% chloorhexidine-oplossing. Geen joodtinctuur of andere irriterende producten gebruiken! Deze verbranden de gevoelige huid van het veulen en vormen een toegangspoort voor kiemen. De nageboorte komt in de meeste gevallen vlot af binnen 2 uur na de geboorte van het veulen. Indien deze na 3 uur nog niet op de grond ligt, aarzel dan niet om uw dierenarts te verwittigen zodat die nog tijdig kan ingrijpen. Wanneer de nageboorte te lang in de baarmoeder aanwezig blijft, gaat de merrie de afbraakstoffen van de rottende nageboorte opnemen in het bloed. Dit kan heel snel leiden tot levensbedreigende baarmoederonsteking, koorts, hoefbevangenheid...

Het Veulen
Het veulentje moet binnen 2 uur rechtstaan en biest drinken. Een pasgeboren veulen heeft geen antistoffen in zijn bloed om zich te beschermen tegen infecties. In tegenstelling tot bijvoorbeeld baby’s is de bloedbarričre tussen merrie en veulen te dik waardoor geen antistoffen uitgewisseld worden. Het veulen wordt dus geboren zonder afweerstoffen. De opname van antistoffen door de darm van het veulen uit de biest gebeurt voornamelijk de eerste 8 uur; daarna daalt de opname sterk. Vandaar dat het cruciaal is dat het veulen voldoende biest van goede kwaliteit opneemt tijdens de eerste levensuren. Het is raadzaam de merrie te melken en de biest met de fles toe te dienen wanneer het veulen te zwak is om zelf recht te staan en te drinken. Opgieten door uw dierenarts met een slokdarmsonde wordt noodzakelijk wanneer het veulen geen goede zuig- en slikreflexen heeft.
Laat uw dierenarts een antistoffensneltest uitvoeren wanneer het veulen 18 uur oud is. Hierbij wordt een klein beetje bloed van het veulen onderzocht en na 10 minuten kan men uit de test aflezen of het veulen voldoende antistoffen heeft opgenomen. Indien er een tekort is aan antistoffen, dan geeft men best zo snel mogelijk plasma (antistoffenconcentraat) om de hoeveelheid antistoffen in het bloed op peil te brengen. Op die manier kan je veel beter ernstige ziekte voorkomen. Als het veulen ziek is, heeft men veel meer plasma nodig (duur!) en kan de herstelperiode heel moeizaam zijn. Zelfs een veulen dat er de eerste dagen gezond en springlevend uitziet kan een ernstig tekort aan antistoffen hebben door opname van te weinig biest, biest met te weinig antistoffen, melkverlies voor de geboorte of slechte absorptie in de darm van het veulen. Testen dus! De antibiotica in het klassieke “veulenspuitje” werken maar 1 dag, terwijl antistoffen in het plasma ervoor zorgen dat de immuunstatus de volgende 3 maanden optimaal is. Bezin vooral eer je begint en maak de juiste keuzes...


Trotting Magazine
Trotting Magazine is een maandblad voor de Belgische drafsport, met natuurlijk ook veel nieuws over buurland Frankrijk. Wilt u eens in dit Belgische vakblad lezen? Click dan hier en kijk in het archief. De nummers maart 2013 en februari 2014 zijn de fokkerijnummers.



De geboorte van een veulen

door Astrid Bos, dierenarts bij Dierenkliniek Emmeloord en Flevofarm.
Dit artikel is met toestemming overgenomen uit de Breeders special 2006 van het blad "Draf&Rensport"

Het seizoen is weer begonnen! Voor de fokkers een spannende tijd. Komen de veulens weer gezond ter wereld en zullen de merries weer vlot drachtig worden? Een mooi moment om nog eens op een rijtje te zetten waar we op moeten letten en wat we kunnen doen om eventuele problemen rond het afveulenen te voorkomen.

De voorbereiding op de geboorte

Ter voorbereiding op de geboorte is een aantal zaken van belang. Om te zorgen dat de merrie een optimale hoeveelheid antistoffen aan het veulen kan meegeven, moet de merrie 4-6 weken voor het veulenen gevaccineerd worden. Vlak voor het veulenen moet de merrie nogmaals ontwormd worden. Let hierbij op welk middel gebruikt wordt omdat niet alle middelen geschikt zijn. Een geregistreerd middel met als werkzame stof ivermectine kan veilig gebruikt worden.

Bij sommige merries is het bovenste deel van de vulva dichtgezet. Dit wordt gedaan omdat deze merries anders lucht aanzuigen. Met deze lucht komen allerlei bacteriën mee waardoor een baarmoederonsteking veroorzaakt kan worden. Dit kan de oorzaak zijn van het niet drachtig worden van een merrie. Als zo’n merrie toch drachtig wordt kan het zijn dat hierdoor de placenta geinfecteerd wordt, waardoor een abortus kan optreden. Als de merrie gaat veulenen zal dit dichtgezette deel geopend moeten worden. Als een alarmsysteem aanwezig is en het is min of meer zeker dat er iemand bij de geboorte aanwezig is, kan dit dichtgezette deel vlak voor de geboorte met een geschikte, scherpe schaar opengeknipt worden. In dit geval kan de merrie tot ongeveer 6 uur na de geboorte eventueel direkt weer dichtgezet worden. Als er minder zekerheid is dat er iemand bij de geboorte aanwezig is, is het verstandig de merrie ongeveer 10 dagen voor de geboorte open te maken. (Als de merrie eerder verschijnselen vertoont dat de geboorte nadert, eventueel eerder) In deze gevallen kan de vulva het beste 10-14 dagen na het veulenen weer dichtgezet worden.

De geboorte

Na ongeveer 11 maanden vol spanning afgewacht te hebben, is het dan eindelijk zover dat de merrie aan de tijd is. Het zakken van de bekkenbanden, het opuieren en het slap worden van de vulva zijn tekenen dat de geboorte nadert. Het meest betrouwbaar zijn de veranderingen van het uier.

De aankondiging:
Het ‘kegelen’ (het verschijnen van ingedroogde druppeltjes biest aan de uiteinden van de tepels) vindt meestal 1-4 dagen voor de geboorte plaats. Een enkele keer kan dit tot wel 2 weken voor de geboorte al zichtbaar zijn of eventueel helemaal niet.




De geboorte  

De geboorte begint met de ontsluitingsfase. De merrie is wat onrustig, krabberig, vergelijkbaar met milde koliekverschijnselen. Dit wordt veroorzaakt door contracties van de baarmoeder (weeën). Door deze contracties wordt de vrucht tegen de baarmoedermond aangeduwd die mede hierdoor verslapt (‘ontsluiting’). In het laatste deel van de dracht ligt het veulen op zijn rug in de baarmoeder. Om het veulen heen bevinden zich twee vruchtvliezen. Het binnenste vruchtvlies is de voetjesblaas. Het buitenste vruchtvlies, de waterblaas, zit vast aan de binnenkant van de baarmoeder. Via de vruchtvliezen en de navelstreng wordt het veulen voorzien van zuurstof en voedingsstoffen. Tijdens de ontsluitingsfase strekt het veulen de voorbeentjes en draait het veulen om zijn lengte-as.

De voorbeentjes komen nu richting bekkenholte. Als door de baarmoedercontracties de druk in de baarmoeder verder stijgt, breekt het buitenste vruchtvlies (waterblaas) ter plaatse van de baarmoedermond en komt het vruchtwater af.

Nu kunnen vruchtdelen in de geboorteweg gedreven worden en gaan de baarmoedercontracties ondersteund worden door de buikpers en is de uitdrijvingsfase begonnen. Normaal wordt het veulen nu binnen een half uur geboren. Het eerste wat van de buitenkant zichtbaar wordt is het binnenste vruchtvlies (voetjesblaas) waardoor een voorvoetje vaag zichtbaar is. Vlak achter het eerste voetje wordt het tweede voetje zichtbaar en even later boven de voorbeentjes het neusje.

Vervolgens wordt de rest van het veulen uitgedreven. Meestal is het binnenste vruchtvlies inmiddels gebroken. Zo niet, dan moet dit door de begeleider gedaan worden zodat de neusgaten vrij zijn om te kunnen ademen. Meestal is direkt na de uitdrijving de navelstreng eerst nog intact. Het is goed om de navelstreng zo lang mogelijk heel te houden zodat nog een hoeveelheid bloed vanuit de placenta naar het veulen stroomt. De navelstreng breekt zodra de merrie opstaat of als het veulen gaat bewegen, op een voorbestemde plaats.



Nageboorte
De laatste fase is de nageboortefase. Tijdens deze fase worden de vruchtvliezen (nageboorte) afgedreven. Het deel van de nageboorte wat uit de vulva hangt kan het beste opgeknoopt worden zodat de merrie er niet op gaat staan. Op deze manier blijft de nageboorte heel en helpt het gewicht ervan het vlot afkomen van de nageboorte. De nageboorte komt normaal binnen 2 uur na de geboorte af. Zodra de nageboorte er af is moet gecontroleerd worden of de nageboorte compleet is en of er geen afwijkingen zijn. In sommige gevallen kunnen afwijkingen in de nageboorte wijzen op bepaalde risico’s voor het veulen. Door dan vroegtijdig alert te zijn op mogelijk te verwachten problemen, kan in een vroeg stadium ingegrepen worden als dit nodig is.



Welke maatregelen moeten genomen worden om alles goed te laten verlopen?

Wanneer ingrijpen?

Afhankelijk van de ervaring van de fokker/begeleider zal in deze gevallen een dierenarts gewaarschuwd moeten worden.

De eerste levensdag

Zodra het veulen geboren is en de navelstreng is afgebroken, moet de navel gedesinfecteerd worden met bv. betadine-oplossing. Vervolgens kan het veulen het best in borstbuikligging voor de merrie gelegd worden. In deze houding is de gasuitwisseling tijdens de ademhaling het meest effectief en kan de merrie het veulen aflikken. Al vrij snel zal het veulen pogingen ondernemen om te gaan staan. Een gezond veulen staat binnen 1-2 uur en drinkt binnen 3-4 uur.

Een veulen komt zonder antistoffen ter wereld. Dit komt doordat de placenta van de merrie geen antistoffen doorlaat. Antistoffen zijn stoffen die het veulen beschermen tegen ziektes en zijn geconcentreerd in de biest. De biest wordt in het uier, onder invloed van hormonen, in de laatste 2-4 weken van de dracht geproduceerd.




De produktie van antistoffen door het veulen zelf begint op een leeftijd van 10-14 dagen maar pas vanaf 12-14 weken zijn de spiegels hoog genoeg om het veulen bescherming te geven. Met name de eerste levensmaanden is de weerstand van het veulen dus afhankelijk van de antistoffen die het veulen uit de biest heeft opgenomen.

Nadat het veulen gedronken heeft, komt de biest via de maag in de darm. Speciale cellen in de darmwand nemen de antistoffen op uit de biest. Vervolgens worden deze antistoffen opgenomen in het bloed. Dit systeem is de eerste 8 levensuren het meest efficiënt. Daarna worden deze ‘speciale’ darmwandcellen geleidelijk vervangen door ‘gewone’ darmwandcellen die geen antistoffen kunnen opnemen. De opname van antistoffen in het bloed neemt daardoor af en al na ongeveer 12-24 uur is dit gedaald tot bijna 0! Hieruit blijkt het grote belang van de opname van biest in de eerste levensuren. Het is dan ook verstandig om als het veulen binnen 3 uur niet drinkt, biest met een fles te geven. Als dit niet lukt, kan een dierenarts biest toedienen met een neussonde. Het veulen moet binnen 8 uur na de geboorte minimaal een liter biest binnenkrijgen.

Indien getwijfeld wordt aan de hoeveelheid antistoffen die het veulen binnengekregen heeft, kan een bloedtestje gedaan worden. Dit testje geeft aan hoeveel antistoffen in het bloed van het veulen aanwezig zijn. Dit testje kan vanaf 18 uur na de geboorte uitgevoerd worden.

Indien het testje aangeeft dat het veulen een te lage antistoffen spiegel heeft, moet het veulen om een goede weerstand te hebben, extra antistoffen toegediend krijgen. Echter als de darmwandcellen eenmaal ‘gesloten’ zijn, kan het veulen dus via het maagdarmkanaal geen antistoffen meer opnemen. Er moeten dan antistoffen uit het bloed van een ander paard rechtstreeks in het bloed van het veulen gebracht worden. Dit wordt gedaan door plasma (= bloed zonder rode bloedcellen) van een donor-paard via een infuus in de bloedbaan van het veulen toe te dienen.

Een te lage hoeveelheid antistoffen in het bloed wordt meestal veroorzaakt doordat het veulen te weinig biest of te laat na de geboorte biest gedronken heeft. Behalve door te weinig of te laat opnemen van biest, kan dit ook veroorzaakt worden door een slechte kwaliteit van de biest. De kwaliteit van de biest is gemiddeld lager bij merries die voor het eerst veulenen en bij merries ouder dan 15 jaar. Daarnaast hebben bepaalde rassen (oa dravers!) gemiddeld een mindere kwaliteit biest dan andere rassen. Nog een andere oorzaak voor een lage antistoffenspiegel is het lekken van biest voor het veulenen waardoor een hoeveelheid biest verloren gaat.

Voor het bepalen van de kwaliteit van de biest zijn speciale testjes in de handel. Een andere manier is het gebruik van een speciaal hiervoor bestemde refractometer. De kwaliteit van de biest kan het best getest worden voor het veulen gedronken heeft. Als de kwaliteit onvoldoende is kan hierop ingespeeld worden door goede kwaliteit biest van een andere merrie of, als dit niet beschikbaar is, kunstbiest te geven. In deze gevallen zal het zeker verstandig zijn om op de 2e levensdag te controleren of de hoeveelheid in het bloed opgenomen antistoffen voldoende is.

Wat ook nog typisch hoort bij de eerste levensdag is het afkomen van het darmpek.


Dit is de eerste ‘mest’ die het veulen maakt en is kleverig en zwart van kleur. Normaalgesproken komt dit binnen 24 uur af. Soms hebben veulens moeite met het uitdrijven van het darmpek en staan dan met het staartje omhoog te persen. In een later stadium worden deze veulens koliekerig en vaak gaan deze veulens op hun rug liggen. Dit komt met name bij hengstveulens voor maar het kan ook bij merrieveulens. In veel gevallen kan dit verholpen worden door het toedienen van een klysma. Dit is een vloeistof die darmpek verweekt en glibberig maakt en het afkomen ervan stimuleert. De vloeistof kan met een flexibel slangetje via de anus in de einddarm toegediend worden. Het is raadzaam voor fokkers om een klysma in huis te hebben. In milde gevallen komt het darmpek na het toedienen van een klysma vaak vlot af. Als dit niet zo is of wannneer het veulen echt koliekerig wordt, is het verstandig een dierenarts te raadplegen.

Samenvattend: de eerste levensuren van het veulen zijn van essentieel belang. De opname van antistoffen via de biest kan alleen op de eerste levensdag en wordt na 8 uur al minder effectief. Een veulen met te weinig antistoffen heeft weinig weerstand en is vatbaar voor allerlei vervelende aandoeningen. Door te zorgen voor een goede antistoffen voorziening kan veel ellende voorkomen worden.



De ontwikkeling van een embryo

In het maandblad BIT (nr. 186 uit 2011) vonden we prachtige foto's van embryo's van een veulen,
gemaakt door fotograaf Tim Flach. Van zijn paardenfoto's is een boek uitgegeven: "Equus", voor 45 Euro te bestellen bij
www.mediaboek.nl. Wil je meer weten over Tim Flach? Kijk dan op www.timflach.com.

Onderstaande foto's geven een prachtig beeld van het wonder dat in de baarmoeder van een fokmerrie plaatsvindt.







terug naar het Nieuws


© Copyright Fokkersvereniging