Het economisch belang van de Draf- en Rensport

kortebaan

Boven: Elk jaar zijn er meer dan 30.000 toeschouwers bij de Prix d'Amérique in Parijs,
waaronder een kleine duizend Nederlanders.



door John Bootsman (professioneel draverfokker in Nederland, Zweden, Duitsland en USA)
datum: zomer 2013

Net als alle andere econimische activiteiten wordt ook de draf- en rensport steeds verder geïnternationaliseerd. We leven niet meer op een eiland en moeten/willen ook mee met de rest van Europa. Onze paarden en hun achterban gaan steeds vaker de grens over. De kwaliteit van onze paarden staat op hoog niveau. Toch blijft de sport in Nederland achter en daarin schuilt een groot gevaar. Dit artikel gaat over het economisch belang van de draf- en rensport in Nederland en Europa.

Wedden op paarden

600 voor Chr. werd er al gewed op paardenraces in het Oude Rome.
Halverwege 17e eeuw werden er in Scandinavië al onderlinge "officiële" weddenschappen afgesloten m.b.t. "wie is er het eerst bij de kerk". Langzaam aan werden weddenschappen op paarden legaal: allereerst 1881 in FRA , 1887 in NL, 1922 in DUI, 1923 in ZWE, 1927 in NOR en FIN en 1931 in ITALIE. In 1887 werd er dus voor het eerst de totalisator in op NL-banen geïntroduceerd, volgens het zgn. PMU-systeem, uitgevonden in FRA in 1864 en dus officieel gelegaliseerd in FRA in 1881.
De inhouding in NL was toen 12,5 % en dat geld werd voornamelijk gebruikt voor prijzengeld. Er ging nl. 4/5 deel van de inhouding totalisator naar prijzengeld en 1/5 deel werd gebruikt voor "bevordering paardenfokkerij". De sport en fokkerij maakten in die jaren een fantastische ontwikkeling door en er werden steeds meer draf- en renbanen geopend. Langzamerhand tekenden zich echter donkere wolken af boven onze sport. Het koersen op zondag en het wedden op paarden werd in een kwaad daglicht geplaatst. In bepaalde gemeentes werden de koersen op zon- en feestdagen verboden, zoals in Bloemendaal, waar de prachtige renbaan Woestduin binnen een jaar moest worden gesloten omdat deze niet meer te exploiteren was.
In 1909 nam de Tweede Kamer in Den Haag met 36 tegen 34 stemmen een wet aan waardoor de weddenschappen op de paarden-totalisator werden verboden. Halverwege 1911 werden op Duindigt de laatste weddenschappen afgesloten. Daarmee werd in één klap de NL draf- en rensportfokkerij vernietigd. Het aantal meetings daalde van 83 in 1910 naar 4 in 1913 en 1914. Er volgde een ware exodus van NL trainers en NL koerspaarden en fokmateriaal naar het buitenland. Alleen de illegale bookmakerij hield stand op de plaatsen waar af en toe een meeting gehouden werd maar dat kwam de sport op zich natuurlijk niet ten goede. Dankzij de kortebaan-draverijen in de diverse dorpen bleef er nog iets van de sport over. Kort na het uitbreken van de 2e Wereldoorlog hief de Duitse bezetter het totalisatorverbod op en er werden steeds meer meetings georganiseerd met steeds meer koersen. Vanwege het oorlogsgeweld werden de koersen vanaf september 1944 echter geheel stilgelegd. Op 16 juni 1945 werd er voor het eerst weer gekoerst na het beëindigen ven de 2'e W.O., en mét de totalisator want die is na de capitulatie van de Duitsers blijvend toegestaan.
Zoals hierboven gemeld is het PMU-totalisator systeem uitgevonden in FRA in 1864. Het doel van deze PMU :
a. Het aanbieden van de beste amusementswaarde aan wedders in een eerlijke en transparante vorm, en 
b.  Het dienen van de Europese paardensport industrie, gelet op de langere termijn qua ontwikkeling en groei.
Een grote meerderheid van de paardensport-industrie heeft de voordelen van het PMU-systeem onderkend als de beste manier om de paardensport als sector te bewaren én verder te ontwikkelen in de toekomst.
Het PMU-systeem is nu actief in 10 landen in EUR (draf en galop) en vorig jaar werd er in EUR omgezet Euro 18 miljard. Hiervan ging Euro 14 miljard terug naar de wedders, 1,3 miljard Euro aan directe belasting terug naar diverse overheden en kon er 2,7 miljard Euro besteed worden aan o.a. prijzengeld, exploitatie draf- en renbanen en stimulering fokkerij. In FRA geldt in 2015 een inhouding van 17,1 % van de omzet en daarvan gaat 4,0 % naar de wed-organisatie PMU, 5,6 % naar de sport en 7,5 % naar de staat. In ZWE bedraagt de belasting 11,4%. Dit zijn bij de huidige jaaromzetten in FRA van Euro 10 miljard en ZWE Euro 1,4 miljard natuurlijk enorme (welkome) inkomsten voor de resp. staatskassen.

Werkgelegenheid
In geheel EUR zijn er 200.000 mensen direct werkzaam in de sector draf- en rensport. Denk aan trainers, jockeys/pikeurs, hoefsmeden, stalpersoneel, personeel racetracks, bonden/organisaties etc. Aan indirecte banen zijn dat er nog eens zo'n 200.000 , zoals voederproducenten, toeleveranciers agrarische sector, opleidingssectoren etc. Verder zijn er in EUROPA zo'n 23 miljoen wedders op paarden, 110.000 eigenaren, 40.000 fokkers, 500 racetracks. Op deze banen worden jaarlijks zo'n 85.000 races gehouden, met 115.000 paarden.
Paarden-races spelen van oudsher een belangrijke rol in het Europese "sport-gebeuren" en z'n opbrengsten laten zich voelen in andere economische sectoren gezien de activiteiten die het creëert én genereert. Europa is de geboortegrond van paarden-races. Er worden tegenwoordig races gehouden in galop, in draf en de zogn. Steeple-Chase hindernisrennen, die wij overigens in NL niet kennen. Paardenraces spelen sowieso wereldwijd een enorm grote rol als je kijkt naar de (inter)nationale topevenementen die het inmiddels heeft gecreëerd, denk aan de Kentucky Derby met z'n bijna 200.000 bezoekers op Derby-Day, de Melbourne Cup, een evenement waarbij in geheel Australië op die middag nergens wordt gewerkt (!) en de Dubai World Cup, waar een heel land voor even plat ligt. In Europa zijn de 85.000 georganiseerde races een onderdeel van ons sociale én culturele leven geworden met een EEUWENLANGE TRADITIE! Paardenraces als sport bevorderen de sociale binding, kijk naar NATIONALE festivals als The Grand National op Aintree/Liverpool (meer dan 100.000 bezoekers), Prix d'Amerique en Prix de L'Arc Triomphe in Frankrijk (beide 60.000 bezoekers) en de Elitlopp in Stockholm/Zweden, die niet alleen in 2011 ruim 90.000 mensen trok naar de baan tijdens de 4 dagen van races maar ook in ZWE werd uitgeroepen tot het meest belangrijke sport-festijn in geheel ZWE in 2011. Bedenk hoe belangrijk cultuur, traditie etc. zijn als je ziet dat de renbaan van Royal Ascot in ENG recent voor ruim Euro 350 miljoen is verbouwd! Solvalla in Stockholm Zweden gaat nog dit jaar beginnen aan een renovatie die totaal zo'n Euro 300 miljoen gaat kosten! De tribunes van de Parijse renbaan Longchamp worden in 2013 gerenoveerd voor 108 miljoen Euro. Een beetje in-het-niet valt hierbij de recente facelift die Drafbaan Wolvega in Friesland heeft ondergaan in 2010 voor een totaal aan Euro 6 miljoen, maar toch...  Het Drafcentrum Alkmaar is in 2009 voor een bedrag van ca. 2 miljoen Euro gerenoveerd. De tribunes van Groningen voldoen nog aan de huidige eisen en de noodzakelijke renovatie van Duindigt (Wassenaar) wacht op financiering.
Tel daarbij op ook nog eens de enorme impact die de sector paardensport heeft op de agrarische sector, opleidingssectoren en de vrijetijdsbesteding.

Agrarische sector
Het houden van paarden draagt er óók toe bij dat vele landschappen "open" blijven. En paardenvoeders worden grotendeels ook vaak "lokaal" geproduceerd wat weer bijdraagt aan:
a. nog meer landschappen "open" kunnen houden
b. vraag naar andere agrarische produkten
c. wat ook leidt tot meer werkgelegenheid.
Een overgroot deel van dit nu gebruikte land zou anders géén economisch belang hebben.
Zie ook tabel 2 : AREA NEEDED TO PRODUCE HORSE FEED op pag. 30 van  het EPMA-document "The economic and social contribution of horseracing in Europe".
Daar staat o.a. dat in EUR gemiddeld 4% van de gehele agrarische oppervlakte aangewend c.q. gebruikt wordt voor het houden van/fokken van paarden, zijnde zo'n 6,8 miljoen hectare. In NL beschikken we nu (2012) over zo'n 2 miljoen ha agrarisch land waarvan precies de helft  (1 miljoen ha) permanent grasland is. In NL wordt zo'n 416.000 ha gebruikt om paardenvoeders te produceren, zijnde zo'n 21% van het gehele agrarische oppervlakte. Tel daarbij op de 100.000 ha die in NL direkt gebruikt wordt om de totaal 400.000 paarden te laten grazen dan kom je dus op totaal gebruik t.b.v. de paardensector van 21% plus 5%  maakt 26% van het totale agrarische oppervlakte in NL!

Faire afdracht van de toto-omzetten
Uit het bovenstaande blijkt dat de impact van paardenraces veel groter is dan men vaak beseft. En deze sector kan alleen overleven én ontwikkelen daar waar sprake is van een PMU-totalisator systeem waarbij faire afdrachten gedaan worden naar de sport ten gunste van prijzengeld, exploitatie draf- en renbanen en stimulering fokkerij. Daar passen online-operators (lees: Bookmakers via internet) totaal niet in, bijna zonder uitzondering gevestigd op Malta met z'n 0,5% direkte belasting. Zij keren soms wel 95% terug uit naar de wedders en dat kan gemakkelijk, want met 0,5% belasting blijft er nog 4,5% over voor hun aandeelhouders. Een afdracht aan "de sport" in de vorm van bovengenoemde (zeer essentiële) onderdelen als prijzengeld, draf- en renbanen en fokkerij hebben zij met hun zetel op Malta nog nooit gedaan. Daar moet tegen worden opgetreden. Verder moet er in de zomer van 2013 voor Nederland een nieuw toto-contract worden afgesloten. De afdracht zal veel hoger moeten zijn dan die in het oude contract, ook over de weddenschappen, die worden afgesloten op de buitenlandse races, anders zijn er over enkele jaren geen koersen meer in Nederland, met alle gevolgen van dien.

Conclusie
Het economisch belang van de draf- en rensport is groot. Met daarnaast nog de cultuur-historische waarde van deze sport (zie ander artikel).

Draf- en Rensport mag nooit verloren gaan!!!


terug naar het Nieuws


© Copyright Fokkersvereniging