Fokkersoog: Armbro Goal en Workaholic

(gepubliceerd in het blad "draf&rensport" nr. 13 van 2013, auteur Ferry Hollander)


Er is een tijd van komen en een tijd van gaan. Het gebeurt echter niet vaak dat twee hengsten met wereldfaam in dezelfde week het tijdige met het eeuwige verwisselen. Zowel Workaholic als Armbro Goal bliezen hun laatste adem eind februari 2013 uit op respectievelijk 31- en 28-jarige leeftijd. Deze twee helden tonen opvallend veel overeenkomsten. Beide zijn van Amerikaanse origine, hebben Speedy Crown als vader, veroverden als koerspaard aanzien op de Continental Farms en hebben een grote invloed gehad op Europese fokkerij. Een eresaluut valt hen ten deel.

Workaholic was al zo'n zeven jaar aan het rentenieren op het lommerrijke Haras du Pin. Ouderdom werd hem fataal. Hij leverde een revolutionaire bijdrage aan zowel sport als fokkerij. Volgens de overlevering was hij de eerste draver die rondom zonder ijzers koerste, een noviteit van zijn Zweedse trainers. Met zijn lengte, snelheid en vroegrijpheid is hij ook een van de grondleggers geweest van de moderne Franse draver.
Armbro Goal stierf in tegenstelling tot Workaholic in het harnas. Vorig jaar werden zijn laatste veulens geboren in Denemarken. Hij was in het bezit van de Deense fokkersvereniging die besloten heeft hem een waardig afscheid te gunnen door hem te euthanaseren. Vooral gebitsproblemen speelden hem de laatste jaren parten. Armbro Goal heeft via zijn nazaten zijn sporen verdiend in Amerika, Frankrijk, Italie, Zweden, Denemarken, Duitsland, Oostenrijk en Nederland; een ware globetrotter.

Speedy Crown
Workaholic en Armbro Goal zijn beide zonen van het wereldberoemde vaderpaard Speedy Crown, die ruim 2000 nakomelingen bracht, die op hun beurt wereldwijd meer dan honderd miljoen dollar verdienden. Daarmee is hij de enige dravershengst wiens productie deze magische grens heeft overschreden. Zelf won Speedy Crown onder de hoede van Howard Beissinger de Hambletonian. Howard's vrouw Ann, staat te boek als fokker en noemde haar trots oorspronkelijk Headin and Heelin. Zijn nieuwe eigenaar was echter niet gecharmeerd van deze naam en vernoemde hem naar zijn eigen stalnaam Crown Stable. Een beknopte opsomming van Speedy Crown's beste producten: Moni Maker, Speedy Somolli, Armbro Devona, Sir Taurus, Kit Lobell, Royal Prestige, Fancy Crown, Crowning Point, Armbro Fling, Embassy Lobell, Jazz Kosmos, King Conch, Deliberate Speed, Gum Ball, Giant Chill en King Lavec.

Boven: Speedy Crown, de vader van Armbro Goal en Workaholic.


Workaholic

Boven: Workaholic wint de Breeders Crown als 2-jarige met Berndt Lindstedt.

Boven: Workaholic met de mannen van de Continental Stable:
v.l.n.r. pikeur Berndt Lindstedt, Hakan Wallner en Jan Johnson.

Boven: Dekhengst Workaholic op het Haras du Pin.

Boven: De afstamming en moederlijn van Workaholic.

Levensloop Workaholic
Op 15 maart 1982 zag Workaholic het levenslicht op Pine Hollow Farm in New York. Zijn moeder Ah So is van Speedy Count en was een redelijk koerspaard. Als fokmerrie was ze van meer waarde. Zo bracht ze voor Workaholic ondermeer At Risk en enkele jaren daarna Rule The Wind, Working Gal en Good Day Sunshine. Dat er op de jaarlingenveiling veel interesse was voor Workaholic is niet vreemd. Hij was een zoon van Speedy Crown, die destijds absoluut booming was en tegenwoordig nog altijd garant staat voor kwaliteit. Misschien wel even bijzonder was dat hij uit dezelfde moederlijn stamt als Speedy Somolli en Hambo-winnaar Legend Hanover. Uiteindelijk had Ken Heineken het laatste bod toen de hamer neersloeg op $ 165.000. De jonge hengst werd vervolgens toevertrouwd aan de Continental Farms. Achter deze stal gaat het Zweedse supertrio Jan Johnson, Berndt Lindstedt en Hakan Wallner schuil. Beter had hij waarschijnlijk niet terecht kunnen komen.

Workaholic gaf blijk van zijn kunnen in het Noord-Amerikaanse 2-jarigen circuit. Dat jaar werd hij uitgeroepen tot de beste van zijn jaargang. Zijn grootste wapenfeit was zijn zege in de Breeders Crown, een overwinning met een extra historische lading. Het was namelijk de allereerste Breeders Crown verreden in de VS. Als driejarige presteerde hij ook niet onverdienstelijk, maar moest hij in de grote koersen de eer laten aan Prakas, ook al van Speedy Crown. Toen Workaholic van het strijdtoneel verdween lagen er kansen voor hem in de fokkerij. Hij dekte in totaal drie seizoenen in New Jersey op afwisselend Lauxmont Farm en Walnridge Farm. Dit avontuur leverde 159 producten op, waaronder 19 die minstens een ton in dollars bijeen draafden. Toen de Franse staat in 1988 kenbaar maakte in de markt te zijn voor Workaholic hapte Ken Heineken snel toe. Bekend was dat de hengst kampte met vruchtbaarheidsproblemen. Hij had namelijk maar één testikel. Ondanks dat durfde Haras Nationaux fors in hem te investeren. Met de transactie was naar verluid 1.700.000 Euro gemoeid, zeker voor die tijd een astronomisch bedrag. De Franse Société wilde beslist meer Amerikaans bloed aantrekken nadat de in genade aangenomen Florestan de voordelen ervan had bewezen.

Workaholic kan als het ware als vervanger gezien worden voor de kort daarvoor overleden Mickey Viking. Deze zoon van Bonefish stierf amper een jaar nadat hij werd ingelijfd tijdens de tijdelijke openstelling van het Franse stamboek. Eenmaal aangekomen in Frankrijk werd Workaholic gestald op staatsstoeterij Haras du Pin. Op deze stoeterij bieden ze tot op de dag van vandaag hengsten live ter dekking aan tegen gesubsidieerde prijzen. Het idee hierachter is dat ook minder bedeelde fokkers de kans krijgen om hun merries te kruisen met goed bloed. De schappelijke prijs zorgde ervoor dat men in de rij stond voor Workaholic. De jaren erna kreeg dit een passend vervolg doordat hij flink scoorde met zijn eerste jaargang. Onder andere Cygnus d'Odyssee en Carpe Diem zorgden voor mooie reclame. Later kwamen Premiere Steed, Lejacque d'Houlbec, Noora de l'Iton, Italica Gede, Hermes de Pericard, Kleyton, Classe de Tillard, Corot en Horse de Cottun daarbij. Alle successen leverde hem in 1996 het kampioenschap bij de vaderpaarden op. In de periode 1989-2006 heeft Workaholic 1015 nakomelingen geboren zien worden, waarvan 675 zich gekwalificeerd hebben. Dat resulteert in een mooi starterspercentage van 67%. De Fransen zouden geen Fransen zijn als ze geen restricties hadden opgelegd aan de merries die Workaholic mocht dekken. Zo kwamen merries met Amerikaanse voorouders in de laatste twee generaties niet voor hem in aanmerking. Dit om een te hoog gehalte aan Amerikaans bloed te voorkomen. Workaholic heeft uitstekend geproduceerd, maar echte faam heeft hij pas veroverd als moedersvader. In Frankrijk werd hij vanaf 2006 tot en met 2011 onafgebroken kampioen bij de peres-de-meres. Aansprekende namen zijn; L'Amiral Mauzun, Daguet Rapide, Risque Tout, Infant du Bossis, Orlando Vici, Ivory Pearl, Popinee de Timbia, Uniclove, Quaro, Olimede, Password en Avila. Aangezien tijd verstrijkt komt Workaholic nu ook prominent in beeld als père-de-grandmères. Voorbeelden als Ready Cash en Joke Face zeggen meer dan genoeg. Waar Ken Heineken destijds geen weet van heeft gehad is dat de moederlijn van Workaholic de afgelopen decennia cracks heeft afgeleverd als zoete broodjes. Om maar een paar te noemen: Offshore Dream, Somatic, J.R. Broline, Bartali OK, Wesgate Crown, Ariana G, Pine Dust, Holiday Credit, Foot Bowl, Nadir Kronos, Oaklea Bluejay, Egon Lavec, Cash Hall, Turbo Sund, Coin Perdu, Yield Boko, Kelsea Boko en haar zoon Chelsea Boko. In Nederland, naast Kelsea Boko, ook Nepal Dan Boko, Elisabeth Boko, Moser Boko, Galvani Boko, Yappar River, Ziezo Buitenzorg, etc.


Armbro Goal

Boven: Armbro Goal wint de Hambletonian van 1988 met John Campbell.

Boven: Dekhengst Armbro Goal.

Boven: De afstamming en moederlijn van Armbro Goal.


Levensloop Armbro Goal
Op 1 februari 1985 kwam Armbro Goal voor het eerst in aanraking met het aardse leven. Geboren bij de Armstrong Brothers in Inglewood (Ontario) kwam hij terecht in een gespreid bedje. Hij was het dertiende kind van zijn legendarische moeder Armbro Flight. Een klassemerrie die haar koerscarriere afsloot met 51 overwinningen en een winsom die de 5 ton aantikte. Dat was iets heel bijzonders voor de jaren `60. Ze mocht zichzelf destijds de rijkste draversmerrie ooit noemen. In het klassieke circuit wees ze verscheidene hengsten de weg naar de finish en op oudere leeftijd vestigde ze wereldrecords op mijlsbanen en halvemijls-banen. Als tweejarige was ze al een topper. Ze won de derde heat van de Hambletonian en werd in de race-off (4e heat op dezelfde dag!!) net geklopt door de hengst Egyptian Candor. Ook als vierjarige was Armbro Flight nagenoeg onklopbaar en in de Invitational Trot van 1966 (het wereldkampioenschap) in New York klopte zij de zesjarige wereldmerrie Roquépine met een hoofdlengte. Hiermee werd de carriere van Armbro Flight beëindigd. Een groots afscheid voor een uitzinnig publiek. Armbro Flight was zeker geen toevalstreffer. Ze is een dochter van Helicopter, een van de weinige merries in de geschiedenis die triomfeerden in de Hambletonian. Wat je echter vaak ziet is dat merries die excelleerden in de sport, het hoog gespannen verwachtingspatroon niet kunnen waarmaken in de fokkerij. Op het eerste gezicht is dat ook bij Armbro Flight het geval. Veel van haar nakomelingen maakten wel hun opwachting in de baan, maar eigenlijk scoorde alleen Armbro Regina een ruime voldoende. Jaren later zal blijken dat ze met Armbro Ermine en Armbro Goal nog twee regelrechte voltreffers heeft voortgebracht. Ten tijde van de jaarlingenveiling in Lexington in 1986 moest dat zich nog voltrekken. Dit was ook de reden waarom Armbro Goal bleef steken op een wat zijn koninklijke afstamming betreft lage prijs van $ 125.000. Michael Caggiano, Eugene Cates, Jim Plate en Paul Ryan waren de gelukkigen om met dit `veilingkoopje' aan de haal te gaan. Ze gaven hem in training bij het eerder genoemde Zweedse supertrio van de Continental Farms.
Armbro Goal sloot zijn seizoen als tweejarige af met 3 zeges uit 5 starts. Het jaar daarop werd pas duidelijk dat men te maken had met een uiterst zeldzame draver. De basis voor die ontwikkeling werd gelegd tijdens de trainingssessies in de winter. Toen verbleef hij in Florida, wat qua klimaat gunstiger werd geacht. Als driejarige blufte hij zijn tegenstanders af in de Canadian Trotting Classic en de Beacon Course. Aan de vooravond van de Hambletonian werd in huiselijke kringen overgegaan tot een opzienbarende verkoop. Armbro Goal kwam voor een absurd hoog bedrag van $ 2.500.000 in het bezit van een eigenarencombinatie rond de Zweed Tomas Betmark. Betmark was een van de trouwe eigenaren van de Continental Farms, die zich in 1975 in Amerika huisvestte. De trainers hoefden derhalve met te wanhopen dat een van hun sterren de stallen zou verlaten. Armbro Goal stelde in de koers der koersen zijn nieuwe eigenaren verre van teleur. Hij schonk hen de eerste Zweeds getinte Hambo-zege ooit. Met John Campbell in de sulky won hij beide heats van start af aan op een manier die deed denken aan Mack Lobell. Hij had geen kind aan de door Lindstedt gereden stalgenoot Supergill. Hierna schreef hij nog de World Trotting Derby bij aan zijn rijkgevulde palmares. Het volgende grote nummer dat op programma stond was de Kentucky Futurity, maar een ernstige longontsteking weerhield hem daarin van start te gaan. Er werd besloten om het geluk te beproeven in de fokkerij.

In 1989 verrichte Armbro Goal op de Castleton Farm in Kentucky voor het eerst dekdiensten. Twee jaar later maakte hij de overstap naar de dependance in New Jersey, vanwege het financieel aanlokkelijke Sire Stakes-programma aldaar. In die periode graasde hij op heilige grond, aangezien het trainingscentrum van Stanley Dancer vroeger op dezelfde locatie gevestigd was. In zijn totaliteit heeft Armbro Goal negen jaar ter dekking gestaan in Noord-Amerika. Van zijn 478 nakomelingen, schopten 65 het tot minstens een ton in dollars aan winsom. De succesvolste hiervan zijn Fool's Goal, Legendary Lover K, Abundance, Winky's Goal, Oolong, Couch Doctor, Tap In, Kentucky Wine en Climbing Bud. Ondertussen was er ook vraag naar zijn diensten vanuit Frankrijk. Een aantal streng geselecteerde merries werd gekoppeld aan enkele Amerikanen. Armbro Goal heeft zo via Cezio Josselyn en Defi d'Aunou ook zijn stempel kunnen drukken op de Franse fokkerij. Volgens velen heeft hij vanuit Amerika nooit het respect en de erkenning gekregen waar hij recht op had. Waarschijnlijk heeft dat te maken met het feit dat hij in Kentucky moest concurreren met Supergill en in New Jersey op het fokfenomeen Valley Victory stuitte. In i998 werd Armbro Goal verkocht aan Italianen, die hem exporteerden naar de laars van Europa.

In Italie werd Armbro Goal gestationeerd op de vermaarde stoeterij Orso Mangelli. Elf jaar lang was hij daar actief als dekhengst. Ruim 900 Italiaanse kinderen werden van hem geregistreerd. Ongeveer tweederde daarvan kwam in de baan met als uitschieters Derrick di Jesolo, Uxer LB en Delores King. Zijn productie holde vanaf 2005 hard achteruit, alvorens hij in 2009 naar het noordelijk gelegen Denemarken verhuisde. Daar zijn tot en met 2012 drie kleine jaargangen geboren, die nog een hele toekomst voor zich hebben. Hoewel Armbro Goal enkel in drie verschillende landen ter dekking heeft gestaan, is zijn reikwijdte veel groter. Frankrijk is al voorbij gekomen, maar zo zijn er nog meerdere voorbeelden. Zweden heeft met hem kennis gemaakt door meervoudig tonwinnaars als Dream of Goal, Candelia, Ganador en Top Ten. Onze oosterburen zijn hem dankbaar vanwege Tarport Goal Sl, Jay November, Kitten Think Big en Fiona Goal. Ook Oostenrijk is besprenkeld met het bloed van Armbro Goal. Een van zonen, Awesome Goal, is daar namelijk een gewaardeerde dekhengst. In Nederland kunnen we zijn invloed evenmin ontkennen. Bij ons bracht hij Derby-winnaar Time Out en jaargangstoppers als Out of the Blue en Versace. Als moedersvader is Armbro Goal ook een gerenommeerde naam geworden. Noemenswaardig zijn Credit Winner, From Above, Mack Grace SM, Faliero As, Oropuro Bar en Nevele Wood. Net als in het geval van Workaholic, grossiert ook de moederlijn van Armbro Goal in recente toppers. Zo kennen we Atas Fighter L, Armbro Luxury, Smok'n Lantern, C.L. Brightness, Chocolatier, Pastor Stephen, Father Patrick, Sugar Trader, Ebony Kronos, Tom Ridge, Arch Madness, Yarrah Boko en Zola Boko. En in Nederland Optimistic, Ottey Boko, Proud Mary, Tito Boko, Yucca Boko, Desert River, Goofy Greenwood en Innovation Love.

Nalatenschap
Niets is zo vergankelijk als een levend wezen en niets is zo vluchtig als succes. Het is daarom zaak te genieten van het nu om later te kunnen herinneren hoe mooi het was. Zowel Workaholic als Armbro Goal waren toppers op de drafbaan en hebben bewezen goede verervers te zijn. Hoewel hun gloriejaren definitief achter ons liggen, is hun rol nog lang niet uitgespeeld. In tienduizenden pedigrees staan hun namen geschreven. De nazaten hebben het stokje overgenomen en dat is precies hoe `The Circle of Life' behoort te verlopen.

Hulpmiddelen/bronnen:
- Gerard ter Schure‘s Computerstamboek.
- website NDR (www.ndr.nl)
- website NDR-Archief (www.archiefndr.nl)



Voor een artikel over Speedy Crown: click HIER

Workaholic is de père-de-mère van Bélina Josselyn. Voor een Fokkersoog over haar: click HIER

Workaholic is de père-de-grandmère van Ready Cash. Voor een Fokkersoog over hem: click HIER

terug naar overzicht Fokkersogen